Delen-dinsdag: De verleiding van de structuuroplossing

Posted · Add Comment
De verleiding van de structuuroplossing

In deze blog betogen wij dat bij het organiseren van betere zorg en ondersteuning, te vaak wordt verwezen naar structuuroplossingen en belemmeringen op stelselniveau. Naar wet- en regelgeving, financieringskaders, privacyregels of de omvang van budgetten. Daarmee gaan partijen voorbij aan de ruimte en noodzaak om zelf in actie te komen.

Deze blog vormt tevens een weergave van opvallend terugkerende thema’s in de onderzoeken en analyses die de afgelopen jaren door jb Lorenz zijn uitgevoerd naar onder andere de reikwijdte van de jeugdhulpplicht, administratieve lasten jeugdhulp, de Ketenveldnorm, de doorstroom Beschermd wonen en de Wet verplichte ggz.

Disclaimer: we betogen niet dat er geen aanpassingen op stelselniveau nodig zijn. Maar met eenzijdige en onrealistische verwachtingen van structuuroplossingen en extra middelen, doe je de mensen waar het sociaal domein voor is ernstig te kort.

Vijf jaar sociaal domein: veel gedaan, te weinig bereikt[1]

De overdracht van taken, geld en verantwoordelijkheden van Rijk naar gemeenten en regio’s ging gepaard met stevige verwachtingen en beloften van maatwerk, preventie en integraal werken.

De praktijk blijkt weerbarstig. Samenwerken over grenzen van organisaties en domeinen blijft ingewikkeld. De administratieve lasten zijn toegenomen in plaats van afgenomen. Inwoners die afhankelijk zijn van samenhangende zorg en ondersteuning (daklozen, mensen met schulden of mensen met psychische problemen) merken de beloften van decentralisaties vaak niet aan den lijve.

De roep om structuuroplossingen, meer geld en actie op stelselniveau blijft dan ook klinken. Zeker nu de overdracht van verantwoordelijkheden aan gemeenten en regio’s wordt verbreed naar domeinen als veiligheid, de GGZ en de eerstelijnszorg.

Je moet het wel doen

Transformeren vraagt een lange adem; het is doormodderen. Natuurlijk is een vraag om ‘eenvoudige’ structuuroplossingen, wetswijzigingen of extra budgetten dan verleidelijk. Onderzoek laat echter zien dat gemeenten en partners in de regio onvoldoende gebruik maken van bestaande mogelijkheden. Meer of andere ruimte helpt niet wanneer je op dit moment de ruimte niet weet te benutten.

Dagelijkse belemmeringen voor organisaties en professionals komen veelal voort uit lokale keuzes – of het ontbreken daarvan – in beleid, inkoop, organisatie, toegang of verantwoording. Traditionele organisatievormen, beleidsmethodieken en vormen van opdrachtgeverschap blijken eerder een rem dan een drijfveer voor transformatie. Daar zit kostbare ruimte. Zo zijn instrumenten als een integrale verordening sociaal domein, een regionale visie op de ontwikkeling van het zorglandschap of een ontwikkelagenda administratieve lasten beschikbaar, maar worden deze lang niet overal toegepast.

Sterker nog. Gemeenten en regionale partijen zijn vaak zelf veroorzaker van belemmeringen. Bijvoorbeeld wanneer gemeenten vanuit een behoefte aan grip op kosten, kwaliteit en wachtlijsten een paradoxale toename van administratieve lasten organiseren. Wat weer leidt tot teleurstellingen, wantrouwen, verloren tijd en een toename van de verantwoordingsbehoefte.

Een vergelijkbare conclusie wordt getrokken in het recente advies van het expertiseteam Reikwijdte Jeugdhulpplicht [2], waarin wordt gepleit voor regionale ontwikkelagenda’s met aandacht voor consistente keuzes bij de inrichting van het stelsel en meer aandacht voor het (ont)zorglandschap en duurzame samenwerking. Regionale actie en dus geen stelselwijziging, want: “De Jeugdwet biedt voldoende mogelijkheden om het anders en beter te doen en ook om goed te kunnen sturen”.

Het verdelen van schaarste met veel partijen

De verlangde structuuroplossingen doen geen recht aan de bestaande ruimte voor transformatie. En precies daarin zit nog een risico: oplossingen in termen van structuurwijzigingen of extra budgetten geven niet het antwoord op de complexiteit van maatschappelijke opgaven. Actie van de Rijksoverheid wekt de onterechte verwachting dat het regio’s ontslaat van de noodzaak tot eigen actie.

Het oplossen van maatschappelijke vraagstukken gaat over het verdelen van schaarste. In termen van tijd, mensen, expertise, woningen, faciliteiten én in termen van publieke middelen. Met (eenmalige) extra middelen voor jeugdhulp of de GGZ zijn er niet ineens meer artsen en professionals. Strakke wettelijke bepalingen geven geen adequaat antwoord op de toenemende vraag naar jeugdhulp of de ingewikkelde politieke en maatschappelijke keuzes over bestaanszekerheid.

Iedere afbakening leidt tot nieuwe – andere – spanningen, risico’s en dilemma’s. Financiering van en bekostiging tussen domeinen en wettelijke kaders schuurt in de praktijk met wettelijke kaders en praktische uitvoering. Structuurwijzigingen leveren daarvoor geen oplossing. Het ontslaat regio’s niet van expliciete sturing op het zorglandschap met passende financieringsafspraken tussen partijen, domeinen én financiers, met ruimte voor nieuwe vormen van organiseren, leren en verantwoorden en met voldoende aandacht voor (financiële) risico’s van aanbieders en financiers.

De complexiteit van de maatschappelijke vraagstukken laat zich niet vangen in absolute regels en oplossingen. Het verdelen van schaarste blijft een regionale opgave waarbij partijen gezamenlijk de ontwikkelingen en de specifieke context moeten duiden om te komen tot vernieuwende vormen van financieren, organiseren en samenwerken.

De kunst van het doormodderen

De verleiding om te vragen naar een structuuroplossing is groot, maar gaat voorbij aan de noodzaak om zelf in actie te komen. En ja, dat is ingewikkeld want daarvoor zijn geen kant-en-klare oplossingen. Dat is dapper doormodderen.

Geen enkele partij alléén heeft de positie om de vereiste samenwerkingsafspraken, financieringsvormen, organisatievormen en de ingewikkelde maatschappelijke keuzes af te dwingen. Maar gemeenten hebben daarin samen met hun regionale partners wel een centrale regierol. Regio’s spelen zelf een cruciale rol bij de totstandkoming van een zorgvuldig en kwalitatief proces en bij het proactief ontwikkelen van vernieuwende vormen van financieren, organiseren en samenwerken. Niet eenvoudig, wel noodzakelijk. Ga het doen!

[1] De titel en conclusie van het boek van Jasper Loots en Piet-Hein Peeters waarin zij samen met dertien deskundigen terug en vooruitblikken op vijf jaar decentralisaties.
[2] Expertiseteam Reikwijdte Jeugdhulpplicht – 2020 – De kracht van wijd reiken. Advies om de transformatie van de jeugdhulp te laten slagen. Eindrapport en advies van het VNG Expertiseteam Reikwijdte Jeugdhulpplicht.

Het boek “Vijf jaar sociaal domein: veel gedaan, te weinig bereikt’ lezen? Krijg het cadeau bij een jaarabonnement op De Eerstelijns.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *